Rechtsongelijkheid

Medische beleidsadviseurs en lobbygroepen eisen van alternatieve therapieën dat ze bewezen worden met dubbelblinde geneesmiddelproeven (RCT’s : Randomized Controlled Trials of gerandomiseerd onderzoek met controlegroep:  de te testen behandeling wordt uitgevoerd bij een testgroep en vergeleken met een controlegroep ). Onderzoek wijst nochtans uit dat in de reguliere geneeskunde slechts bij 1 op 120 patiënten de behandeling op deze RCT’s gebaseerd is.

Wat wel of niet werkt is voor iedereen anders. Dat bewijst ieder geneesmiddelonderzoek. In eerste instantie is de patiënt zelf best geplaatst om uit te maken of hij geholpen is of niet. Waar het om gaat is dat we over onze eigen gezondheid moeten kunnen beslissen, en daar hoort de vrije keuze voor alternatieve geneeswijze 100 % bij. Niemand heeft het recht ons dat af te nemen.
Twee eeuwen verwaarlozing van CAM-geneeswijzen heeft geleid tot een benadeling van wie een alternatieve geneeswijze beoefent en / of er gebruik van maakt. Wij willen dat iedereen vrij een geneeswijze kan kiezen.

  • De overheid moet ruimte geven aan het beoefenen van de CAM-geneeswijzen zoals homeopathie, acupunctuur, osteopathie, chiropraxie en natuurgeneeskunde door therapeuten die hierin onderlegd zijn.
  • Het bereiden en de verkoop van homeopathische middelen, kruidenmiddelen en voedingssupplementen moet vrij zijn, zolang aangetoond kan worden dat ze niet giftig en dus veilig zijn.
  • Bij de beoordeling van de effectiviteit moeten, net zoals in de reguliere gezondheidszorg, de klinische resultaten op de voorgrond staan.
  • Er dient vergelijkend lange termijn patiëntenonderzoek te komen naar klinische effectiviteit en kosteneffectiviteit van reguliere geneeswijze versus CAM geneeswijzen. Terugbetaling door ziekenfondsen dient hier mede op gebaseerd te worden.
  • De BTW – regeling en sociale bijdragenregeling van CAM-behandelaars dient gelijkgeschakeld te worden met die van de (para)medische vrije beroepen.
  • Iedere therapeut is aansprakelijk voor de gevolgen van zijn behandeling. Voor de therapiekeuze van de patiënt mag de therapeut niet aansprakelijk gesteld worden.