Persbericht 12 juli 2013

Persbericht van  12-07-2013

Ministerraad – Bescherming van de patiënt: strikte regels om homeopathie te beoefenen

Op voorstel van minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Laurette Onkelinx heeft de Ministerraad ingestemd met het ontwerp van koninklijk besluit met betrekking tot de homeopathie, dat de uitoefeningsvoorwaarden van deze al door de wet Colla van 1999 erkende niet-conventionele praktijk verduidelijkt.

Een noodzakelijke regeling om de patiënten te beschermen

Een dergelijke regeling is absoluut noodzakelijk: Een aantal beroepsbeoefenaars zijn ernstig en beogen het welzijn van de patiënten, maar in sommige gevallen stellen we ook uitwassen vast, die zelfs de sektarische toer kunnen opgaan en het leven van de patiënten in gevaar brengen.

Laurette Onkelinx heeft dus de bedoeling om die praktijken aan bepaalde normen inzake de kwaliteit en de bescherming van de patiënt te laten beantwoorden. Daartoe heeft de minister – in samenwerking met de parlementsleden – criteria uitgewerkt om die  “niet-conventionele” praktijken te regelen en voorwaarden vastgelegd waaraan de beoefenaars moeten beantwoorden om te kunnen worden geregistreerd en zo een individuele erkenning te krijgen.

Hoeveel gezinnen doen eigenlijk een beroep op homeopathie?

De cijfers verschillen. Een groeiend aantal mensen doet al jaren een beroep op de homeopathie om zich te verzorgen, in aanvulling op de traditionele geneeskunde.

In België tellen we vooreerst 340 homeopaten die bij een beroepsvereniging zijn aangesloten, waarvan 75% arts zijn, 3,5% verpleegkundigen en meer dan 20% geen enkele (para)medische opleiding hebben genoten.

Uit de gezondheidsenquête 2008 blijkt dat 4% van de bevolking in de loop van de laatste twaalf maanden naar een homeopaat is gegaan. Een door het KCE in 2009 uitgevoerde studie schat dat aantal zelfs op 6%. Een studie “De Belgen en de homeopathie”, die het opiniepeilingsinstituut IPSOS op verzoek van een farmaceutisch bedrijf in mei 2011 in België uitvoerde, schat dan weer dat bijna één Belg op twee daar een beroep op doet: 40% van de gezinnen in België, en onder de niet-gebruikers zegt 12% er voor open te staan en bereid te zijn om het in de toekomst te gebruiken.

In mei 2012 werd in Frankrijk een gelijkaardige studie uitgevoerd, en ook daar bleek dat homeopathische geneesmiddelen meer en meer worden gebruikt: 56% van de Fransen zegt dat ze homeopathische geneesmiddelen gebruikt. Het percentage regelmatige gebruikers zou 36% bedragen, wat ongeveer 23 miljoen Fransen vertegenwoordigt. De studie geeft ook aan dat 77% van de ondervraagde bevolking verklaart dat haar vertrouwen in homeopathie bijna even hoog is als dat in pijnstillers en dat 68% er evenveel vertrouwen in heeft als in geneesmiddelen zoals antibiotica of antidepressiva.

Regeling, maar geen terugbetaling

Een erkenning en normen betekenen daarom nog niet dat er wordt terugbetaald. De ziekteverzekering betaalt homeopathische geneesmiddelen niet terug, en dat zal morgen ook niet het geval zijn omdat er wat deze geneesmiddelen betreft geen evidence based medecin bestaat. De meeste ziekenfondsen bieden echter via een aanvullende ziekteverzekering een gedeeltelijke terugbetaling van de homeopathische geneesmiddelen aan.

Naargelang het ziekenfonds schommelt die tegemoetkoming tussen 20 en 75%, en meestal met een maximumdrempel per jaar.

Wie zal straks homeopathie mogen beoefenen?

Om de krachtlijnen van dit koninklijk besluit uit te werken heeft de minister zich op de adviezen van de paritaire commissie en van de kamer “homeopathie” gebaseerd. In de Kamercommissie Volksgezondheid hebben daarna talrijke debatten en hoorzittingen plaatsgevonden, want de minister wilde hand in hand met de parlementsleden een procedure uitwerken om die praktijken te regelen.

De inwerkingtreding van dit koninklijk besluit betekent heel concreet het volgende:

  1. De uitoefening van de homeopathie wordt enkel aan artsen, tandartsen en vroedvrouwen voorbehouden aangezien enkel zij een toelating hebben om voor te schrijven.
  2. De homeopaat zal de homeopathie enkel als aanvulling op zijn gezondheidszorgberoep en binnen de perken van zijn bevoegdheid mogen uitoefenen.
    Dat zal als gevolg hebben dat niemand de titel van homeopaat afzonderlijk zal kunnen voeren: die titel zal dus altijd de titel van de basisopleiding van de beoefenaar aanvullen, zodat de patiënt duidelijk zal weten op welke beroepsbeoefenaar hij een beroep doet. Bijvoorbeeld: tandarts-homeopaat of huisarts-homeopaat.
  3. De homeopaat zal moeten beschikken over een diploma homeopathie van universitair of hoger onderwijs. Voor een arts gaat het bijvoorbeeld om minimum 600 uur theoretische vorming en 200 uur stage.
  4. Elke homeopaat zal zich ook bij de Minister van Volksgezondheid moeten laten registreren.
    Zijn aanvraag zal voor advies aan de kamer homeopathie worden voorgelegd. De registratie zal voor onbepaalde tijd gelden, maar het behoud ervan zal afhangen van een verplichting tot permanente opleiding.
    De homeopaat zal dus moeten aantonen dat hij arts, tandarts of vroedvrouw is en dat hij een erkende opleiding homeopathie heeft gevolgd.
  5. Wat betreft sancties, zijn de homeopaten aan dezelfde regels gebonden dan welke hun hoofdberoep regelen. Het KB nr 78 voorziet bijvoorbeeld dat een persoon die regelmatig medische verrichtingen doet, zonder over een medisch diploma te beschikken, of zonder over een toelating te beschikken, of zonder ingeschreven te zijn bij de Orde van Geneesheren, het risico loopt op een gevangenisstraf van 8 dagen tot 6 maanden en/of een boete van 3.000 tot 30.000 euro, en bovendien strafrechtelijk vervolgd kan worden voor de gedane verrichtingen en gesanctioneerd kan worden door de Orde.

Overgangsmaatregelen voor de beoefenaars die niet aan de voorwaarden voldoen

Er zijn thans al heel wat geregistreerde homeopaten die aan de praktijkvoorwaarden van de homeopathie voldoen, maar we hebben tevens in overgangsbepalingen voorzien voor de ongeveer vijftig beoefenaars die deze praktijk uitoefenen maar die geen arts, tandarts of vroedvrouw zijn.

Die laatsten zullen minstens aan de volgende voorwaarden moeten voldoen:

1. Ze zullen in de eerste plaats, op de datum waarop het koninklijk besluit in werking treedt:

  • een gezondheidszorgbeoefenaar moeten zijn met een minimumopleiding van bachelor. Het gaat hier met name om kinesitherapeuten, diëtisten, ergotherapeuten, logopedisten, verpleegkundigen of podologen, om maar die te vernoemen.
  • minstens 1 jaar een door een beroepsvereniging erkende opleiding homeopathie hebben gevolgd of ervoor ingeschreven zijn en bij de registratieaanvraag het bewijs leveren voor die opleiding geslaagd te zijn. De thans in België gegeven opleidingen homeopathie vergen 3 tot 5 cursusjaren.

2. Ze zullen hun registratieaanvraag uiterlijk 5 jaar na de inwerkingtreding van het koninklijk besluit moeten indienen. Door die termijn zal iedereen een begonnen opleiding kunnen voltooien.

3. Ze zullen tevens de basisopleiding moeten aangeven die aan elke vermelding van de titel van homeopaat voorafgaat. Bijvoorbeeld: kinesitherapeut-homeopaat

4. De homeopaten die geen arts, tandarts of vroedvrouw zijn zullen, vooraleer enige behandeling te starten, zich ervan moeten vergewissen dat de patiënt wel degelijk over een recent door een arts opgestelde diagnose beschikt. Indien de patiënt een dergelijke diagnose niet wil voorleggen, zal de homeopaat hem een kwijting laten tekenen.

De goedkeuring van dit koninklijk besluit betekent voor Laurette Onkelinx een belangrijke stap vooruit in de bescherming van de patiënt, die meer en meer een beroep doet op de homeopathie. Hij zal zich voortaan tot professionals kunnen richten die op basis van een strikte maar evenwichtige regeling officieel erkend zijn.

One comment on “Persbericht 12 juli 2013
  1. Die Informationen zum Thema ” Angst vor kontrollverlust ” auf diesem Link haben mir wirklich sehr gut weitergeholfen.
    Der Link lautet : http://www.prgomet.com/angst.htm

Leave a Reply